Wiskundig ‘bewijs’

“Meester, Meester, ik kan het bewijzen” zeg ik enthousiast tegen Meester.
“Wat? Wat kan je nu weer bewijzen?” vraagt Meester ongeïnteresseerd.
“Nou dat ik zonder U niks ben en met U wel wat ben, wiskundig bewijs zelfs, kijk maar” zeg ik enthousiast.
“Ik ben 1 en al oor!” zegt Meester belangstellend.

“Nou het zit zo, ik kwam er zojuist achter dat ik tot een aantal minderheidsgroepen hoor. Niet tot ééntje, maar ik kom op zés uit 🙂 ” zeg ik lachend.
“Jaaaaa ennn? wat bedoel je daar dan mee?” vraagt Meester.
“Nou, Je kunt het ook zo zien, dat ik dus wel héél érg min ben, zes min-derheidsgroepen” zeg ik grappend.
“Jaaaa, ik volg je nog, hélemaal, heel érg min ben je, jaaaa dat zeker wel!” zegt Meester grijnzend van oor tot oor.
“Ja, dús ik sta dan voor min 1” zeg ik, mijn eigen logica volgend.
“min 1?” vraagt Meester, die het even niet volgt.
“Ja, ik ben niets zegt U altijd, maar ik ben wel iemand, één iemand om precies te zijn en min, dús min 1. Min 1 staat eigenlijk ook voor niets. Dan heb je niets, ja een schuld, maar je hebt niet echt iets” zeg ik, mijn eigen logica een beetje verliezend.


“Ja hmm ik heb jou wel, dus jij staat in het krijt bij Mij met je min 1. jij bezit jezelf niet dus min 1 en ja voor zover volg ik je nog” zegt Meester, die mijn logica feilloos weet op te pikken.
“En zes nou ja dat is Uw lievelingsgetal toch Meester? Dus die zés staat dan voor U!” zeg ik.
“Jaaaaaa nou schiet nou eens op, hoe moet dit iets gaan bewijzen?” vraagt Meester ongeduldig.
“Nou U bent degene die de macht heeft, dus dat moet dan ‘tot de 6e macht’ worden” zeg ik glimlachend.
“Okay, ja Ik heb de macht, zeker weten heb IK de macht en ben jij niets hmmmmmmm, is het al bedtijd, lekker nakend in je bedje, met je blote billetjes smachtend naar je Meester?” vraagt Meester ongeduldig.
“Nou en als U dat achter elkaar zet, dan komt er een rekensom uit, min 1 tot de 6e macht” zeg ik.
“Ja min 1 tot de 6e macht, dat is 1, wat wil je daarmee zeggen?” vraagt Meester, die het al heel snel uitgerekend heeft.
“Dat wat U altijd al zegt Meester, dat ik zonder U niets ben. Pas mét U ben ik iets” zeg ik.
“Jaaaa maar dat wisten we toch al? Hadden we daar die rekensom voor nodig?” vraagt Meester ongeduldig.
“Nee maar het is grappig, ik heb onze relatie wiskundig bewezen en onderbouwd. Gewoon een grapje, grappig toch?” vraag ik afwachtend op Meesters reactie, die behoorlijk lang op zich laat wachten, een ijzige stilte valt.


“Weet je wat IK grappig vind rachab?” zegt Meester dan uiteindelijk met een sinistere grijns.
“Nou?” vraag ik gespannen.
“Dat ik alle straffen tot de 6e macht uit kan voeren als ik dat wil en weet je wat ik daarmee bewijs moppie?” vraagt Meester.
“Uh nee?” vraag ik peinzend.
“Als ik daarmee klaar ben, dat jij wilde dat je een houten kont had en niet bestond, HA-HA-HA, ” zegt Meester.

Hmmmmmm uhhhhhhhhhhuuuu ???

“Dát is pas grappig” zegt Meester droog.

Be the first to comment

Leave a Reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.