Het Verwijsbriefje – Deel 5

Gisteravond was mijn Meesteres erg teleurgesteld in mij. Ze was er achtergekomen dat ik regelmatig erecties heb waar Zij niets van wist. Ik heb Haar met iemand horen bellen. Ze had gehuild. Ze heeft het aan de telefoon over castreren gehad.

Ik word wakker na een onrustige nacht. “Bereid je voor.” De stem van mijn Meesteres. “We gaan”.  Meesteres komt met een mandje aanlopen, met een hondje erin. “Houd Easy even vast”, zegt ze. Easy is het hondje van Meesteres, een Papillon reutje. Meesteres is dol op het hondje en Zij besteedt meer tijd aan hem dan aan Haar slavinnen en mij. Het hondje eet zelfs met Haar mee aan tafel. Ik mag soms aan een klein tafeltje in een hoek van de kamer zitten, maar meestal eet ik van een bord op de grond.

We rijden. Meesteres zwijgt. Ze is gespannen. “En, heb je nog erecties gehad?”, bijt ze me toe. Daarna zwijgt Ze weer. We stoppen bij een kliniek. Ik zou nu weg kunnen rennen. Ik zou kunnen proberen te ontsnappen. Maar ik kan dat niet meer. De kuisheidsconsulente heeft mij gisteren in permanente enkelboeien geklonken. Die kunnen nooit meer af en ik was helemaal vergeten dat ik niet meer kan rennen.

Binnen in de wachtkamer zitten drie jonge vrouwen met hun hondjes op schoot. Na een paar minuten komt er een prachtige vrouw aanlopen van een jaar of 25. Ik herken haar. Zij is de assistente van de Kuisheidsconsulente. Maar in deze kliniek is zij de Castratrix. Zij schrijdt op haar lange benen door de wachtkamer en begroet de dames een voor een. Daarna neemt zij het woord. Woorden uitgesproken door de prachtigste stem die je je maar kunt inbeelden. Een stem die klinkt als het geluid uit de ronde klankkast van een met liefde gebouwde cello. Warm, natuurlijk en met het soort gezag dat veel Oosteuropese vrouwen uitstralen.

“Vandaag ga ik jullie reutjes castreren”. Zij kijkt even naar mij. Ik zie dat zij even een blik van verstandhouding wisselt met mijn Meesteres. Een vraag die niet was gesteld wordt in de uitwisseling van blikken tussen hen beantwoord. Hiermee is mijn lot, zonder woorden,  vastgesteld. Het is haar duidelijk. Nu gaat ze verder.

“Ik neem de reutjes een voor een mee naar binnen. Ik ga ze verdoven, nee ze zullen er geen pijn van hebben. Ik weet hoeveel jullie om ze geven. Wat ik ga doen is: Ik snijd de huid vlak voor de balzak in met een scalpel. Daarna duw ik de testikel vanaf de buitenzijde naar deze opening. Het vlies waarin de teelbal zit wordt dan ingesneden en de teelbal komt vrij te liggen. Ik maak dan de aanhechting van de balzak met de teelbal los, vervolgens zoek ik de zaadstreng en het bloedvat naar de bal en bind die met oplosbaar hechtmateriaal af. Hetzelfde doe ik natuurlijk met de andere teelbal. Tenslotte sluit ik de onderhuid met oplosbare hechtingen. Daarna komen de hondjes weer bij uit hun narcoseslaapje en kunnen jullie voorzichtig naar huis. Hebben jullie vragen?”. Er heerst een gespannen, zware stilte. Geen vragen. Het is stil. Behalve mijn hart, dat hoorbaar bonkt.

Een voor een worden de hondjes meegenomen door de Castratrix. Maar als alle hondjes zijn meegenomen, komt ze onverwacht terug. “En hij?”, vraagt ze aan mijn Meesteres, terwijl ze haar lange rode haar in een knotje boven op het hoofd bindt. Ze wijst met een hoofdknikje naar mij. Met een haarspeld in haar rechter mondhoek en met haar handen het knotje schikkend vraagt ze: “Wanneer komt hij nu aan de beurt?”

 

©2015 _luckyman_

www.luckymanbooks.nl

 

Be the first to comment

Leave a Reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*